Leesboekje 'Appels voor Oma' - over pesten

€ 6,95

Leesboekje 'Appels voor Oma' - over pesten

€ 6,95

Klein leesboekje met een verhaaltje over pesten. De beertjes spelen piraatje maar het spelen is niet leuk. Oma Beer legt uit dat er gepest werd. Na het lezen van het boekje kan er nog met jonge kinderen nagepraat worden over pesten.

Formaat: Medium carre (14,8 x 14,8 cm)
Aantal pagina's: 12 full color
EAN 8719189110708

Bekijk het verhaaltje 'Appels voor Oma' - over pesten (pdf)

Rating: 5 sterren
1 stem

Het verhaaltje

 

Beertje Anders heeft een bal.
Niet zijn bal, maar die van Beertje Bruin.
Nu vraagt Beertje Bruin: “Mag ik mijn bal?”
“Nee!", zegt Beertje Anders. “Ik ben er nu mee
aan het spelen."
“Maar het is toch mijn bal?"

Maar ik heb hem! Lekker puh!”
Nu wordt Beertje Bruin boos.
Hij zegt: "Het is mijn bal. Ik wil hem nu, anders...”

De twee beren doen erg lelijk tegen elkaar!
Ze beginnen te duwen en te trekken aan elkaar
en ze beginnen bijna te vechten.
Om een bal?
Om niets?

Gelukkig komt Vader Beer tussen beiden.
En zegt: “Stop! Even rust."
Vader Beer zegt: "Wat gebeurt hier?”
De beertjes kunnen bijna niet praten, zo boos
zijn ze.

Vader Beer zegt: "Neem eerst even wat rust.
Dan tel ik tot tien, terwijl je rustig in- en uitademt.”

Vader Beer ziet dat de beertjes nog iets meer tijd
nodig hebben om hem rustig te kunnen vertellen
wat er gebeurd is, zonder weer boos te worden.
Vader Beer zegt: “We nemen een langere
rustpauze.
Denk goed na over wat er mis is gegaan.”
Vader Beer zegt: “Jullie gaan allebei wat anders
doen, tot jullie weer gewoon kunnen denken!”

Beertje Anders gaat naar wat muziek
luisteren en doet een computerspelletje.
Beertje Bruin leest een boek en doet een klein
dutje.

Beertje Anders vertelt alles aan zijn moeder.
Als hij eraan terug denkt, moet hij weer een
beetje huilen.

Als Beertje Bruin het verhaal aan zijn vader
vertelt, wordt hij weer een beetje boos.
Vader Bruin zegt: “Ruzie maken om een bal, dat
is een vriendschap toch niet waard.
Boos worden is niet erg, maar boos blijven op je
beste vriend, dat is wel erg.”

Beertje Anders denkt terug.
Waar had ik het anders kunnen doen?
Hoe zou Beertje Bruin zich gevoeld hebben toen
ik zo lelijk deed?

 

 

 

 

 

Beertje Bruin denkt terug.
Waar had ik het anders kunnen doen?
Hoe zou Beertje Anders zich gevoeld hebben
toen ik boos werd?

De beertjes komen weer bij elkaar.
“Hoi”, zegt Beertje Anders.
“Sorry”, zegt Beertje Anders.
“Ben je nog boos?”, vraagt Beertje Bruin.
“Ik niet”, zegt Beertje Anders. “Jij?”
“Ik?”, vraagt Beertje Bruin. “Neeee!”

“Wil je met mijn beer spelen?”, vraagt Beertje
Anders.
“Tuurlijk!”, zegt Beertje Bruin.

Nu zijn ze weer de beste vrienden!

Beertje Anders vertelt alles aan zijn moeder.
Als hij eraan terug denkt, moet hij weer een
beetje huilen.

Als Beertje Bruin het verhaal aan zijn vader
vertelt, wordt hij weer een beetje boos.
Vader Bruin zegt: “Ruzie maken om een bal, dat
is een vriendschap toch niet waard.
Boos worden is niet erg, maar boos blijven op je
beste vriend, dat is wel erg.”

Beertje Anders denkt terug.
Waar had ik het anders kunnen doen?
Hoe zou Beertje Bruin zich gevoeld hebben toen
ik zo lelijk deed?

Beertje Bruin denkt terug.
Waar had ik het anders kunnen doen?
Hoe zou Beertje Anders zich gevoeld hebben
toen ik boos werd?

De beertjes komen weer bij elkaar.
“Hoi”, zegt Beertje Anders.
“Sorry”, zegt Beertje Anders.
“Ben je nog boos?”, vraagt Beertje Bruin.
“Ik niet”, zegt Beertje Anders. “Jij?”
“Ik?”, vraagt Beertje Bruin. “Neeee!”

“Wil je met mijn beer spelen?”, vraagt Beertje
Anders.
“Tuurlijk!”, zegt Beertje Bruin.

Nu zijn ze weer de beste vrienden!